Smit Draad
Draadwals (1926)
Smit Slikkerveer
Wereldtentoonstelling Brussel 1910
Smit Draad (1921-1927)
Kijkje in de Draadfabriek
Thomas Rosskopf (1880-1953)
De oprichter van Smit Transformatoren, Draad, Weld en Ovens
Smit Gas Generatoren
1965-1969
Transformatoren
Smit Slikkerveer 1912
Willem Benjamin Smit (1860-1950)
Elektriciteitspionier en grondlegger van de Smit bedrijven in Nederland
Smit Slikkerveer
Elektrische centrale Tandjong Priok (1895)
Smit Transformatoren
Montage in de bak van een 4000 kVA transformator (Amsterdam 1916)
Thomas Rosskopf
Excursieleider KIVI bij Smit Slikkerveer (1911)
Professor Nolen (1938)
Beproeving oude gramme dynamo bij TU Delft
Smit Transformatoren
Spoelenmontage 1921
Hoogte Kadijk
Transformatoren (1936)
Smit Ovens
Vervoer van een grote oven per slede (Groenestraat Nijmegen 1936)
Het vervoer van transformatoren d.m.v. paardentractie (Smit Transformatoren 1913-1915)
Dit duurde weken...
Smit Transformatoren (1916)
4000 kVA transformator
Smit Slikkerveer
Generator 1500 kW (1913)
Smit Draad
Vrouw aan de omspinmachine (1926)
Smit Elektroden
Laselektroden afdeling 1935

Laatste updates

Willem Smit voorziet meelfabriek "de Sleutels" in Leiden van elektrische verlichting (1884) met filmfragment van de fabriek uit 1935

Edison gloeilamp 1884 In de negentiende eeuw vinden we op de "Leidsche stadswallen", voormalige stoommeel fabriek "De Sleutels". Deze werd al in 1884 door Willem Benjamin Smit voorzien van elektrische verlichting. Een deel van dit industrieel erfgoed maakt nu nog steeds deel uit van het stadsbeeld van Leiden.

Oprichting fabriek (april 1884)
Op 29 april 1884 wordt de voor die tijd hypermoderne stoommeelfabriek "De sleutels" opgericht en gebouwd aan de Zijlesingel in Leiden (bij de Vestwal in de Looierstraat) door Arie de Koster en Adriaan Koole. Adrie de Koster Sr, is handelaar in granen, zaden en meel en zijn compagnon Adriaan Koole de eigenaar van de Leidse windkorenmolen d'Oranjeboom.

Stoommeelfabriek 1900

Stoom meelfabriek "De Sleutels rond 1900 (Archief Leiden).

 
Links een dynamo (elektromotor) die Willem Smit gebruikte voor de aandrijving van de verlichting van Meelfabriek "De Sleutels" (1884) Bron: Archief Brush HMA Ridderkerk.

 

Kaart-stoommeelfabriek de sleutels de koster en co leiden
Dhr. John Livius stuurde mij deze prachtige en unieke (zeer vroege) kaart van Stoommeel fabriek de Sleutels uit Leiden met hier te zien de silo. Deze kaart is nog met "De Koster & Co" in het logo. (1904).

Fabrieksbranden
De fabriek werd door 3 branden geteisterd in 1891, 1902 en 1925. 

Bron: Zutphensche Courant 1891

Hieronder een uitgebreid verslag van deze brand.

Lees meer

Transformator voor gemaal Lely (1930)

Willem Kentie vond een unieke foto van het overladen van een transformator voor het gemaal Lely in 1930. Men kwam deze foto tegen tegen tijdens de voorbereidingen van een tentoonstelling voor de museumstoomtram in 2012. We zien hier een transformator van Smit, die staat op de spoorlijn in Medemblik, die werd gelost om vervolgens naar het toen in aanbouw zijnde gemaal Lely getransporteerd te worden.

 
In 1975 werden er transformatoren verwijderd uit Gemaal Lely. Dit zouden de transformator van bovenstaand plaatje kunnen zijn. 

Bron: Beeldbank Genootschap Wieringermeer.

Gemaal Lely
Reeds in 1914 was voorgesteld om de gehele Wieringermeerpolder met slechts een stoomgemaal te bemalen. Dit gemaal zou bij Medemblik geplaatst dienen te worden. De Zuiderzeeraad, een adviescollege, bepleitte niet alleen meerdere gemalen, zij toonde zich ook een sterk voorstander van elektrische bemaling.

Het is een ontwerp van de Haagse architect D. Roosenburg die in 1928 de opdracht hiervoor had gekregen. Het is een elektrisch aangedreven gemaal. Men had in eerste instantie een stoomgemaal willen plaatsen. Het gebouw heeft een bijzondere architectonische waarde en heeft een prachtige uitstraling. Het is in 1930 in gebruik genomen. Het is een Rijksmonument en in 2007 is het op geknapt en voorzien van een nieuwe verflaag. Het werd en wordt gebruikt om de Wieringermeer droog te maken en te houden.

{youtube}cvTfKq56fcA{/youtube}
Filmfragment : Opening Gemaal Lely (1930). Bron: Polygoonjournaal 30-3, Bron: Beeld en Geluid

Het gemaal is genoemd naar Cornelis Lely, initiatiefnemer tot de uitvoering van de Zuiderzeewerken en staat iets ten noorden van Medemblik. Het gemaal en is ontworpen door Dirk Roosenburg. Op aandrang van S. de Clercq, voorzitter van de Bond van Nederlandsche Architecten, heeft de Haagse architect D. Roosenburg (1887-1962) in 1928 de opdracht gekregen om voor een elektrisch aangedreven gemaal een bijzonder en aansprekend gebouw neer te zetten. De Clercq hield in zijn nota een warm pleidooi voor een aansprekende vormgeving van de grote kunstwerken in het Zuiderzeeproject. Hij constateerde dat Nederland bij de vormgeving van grote werken een achterstand had opgelopen ten opzichte van het buitenland. Van de Dienst Der Zuiderzeewerken verwachtte hij weinig initiatieven op dit terrein. Het optreden van De Clercq zou er mede toe leiden dat Roosenburg uiteindelijk werd aangezocht voor het vormgeven van de gemalen Lely en Leenmans. Ook de vormgeving van de heftorens van de grote sluizencomplexen in de Afsluitdijk werd aan hem overgelaten.

De bouwwerkzaamheden aan het gemaal werden eind 1929 afgerond. In december van dat jaar begon men met het wegbaggeren van de dijk rondom de bouwput. Op 5 en 6 februari 1930 vond volgens een mededeling in het ‘Driemaandelijksch Bericht’ “(…) eene uitvoerige beproeving der installatie plaats op grond van de uitkomsten, waarvan de installatie als voor de eerste maal opgeleverd werd aanvaard.” Op 10 februari 1930 wordt het gemaal in werking gesteld en als postume hulde aan de inmiddels overleden promotor van de Zuiderzeewerken tot “Gemaal Lely” gedoopt. (Bron: overgenomen van Historisch genootschap Wieringermeer).

Lees meer

Biografie Ir. Thomas Rosskopf (1880-1953) + 2 filmfragmenten

Biografie van Ir. Thomas Rosskopf (1880 - 1953), feitelijk oprichter van Willem Smit & Co's Transformatoren N.V. en één van de pioniers van de elektrotechniek in Nederland. 

Thomas Rosskopf was een der pioniers van de Nederlandse Elektrotechnische Industrie. Hij werd op 26-04-1880 te Amsterdam geboren en doorliep daar de Lagere School en de H.B.S. met een vijfjarige cursus. Van 1898 tot 1902 studeerde hij aan de Polytechnische school te Delft, waar hij het diploma voor Werktuigkundig Ingenieur behaalde. In 1904 behaalde hij het diploma Elektrotechnisch Ingenieur in Karlsruhe.

Thomas Rosskopf

Thomas Rosskopf 

Studententijd van Thomas Rosskopf
Van 1898 tot 1902 studeerde hij aan de Polytechnische school te Delft. Deze school had in die tijd nog geen opleiding tot elektrotechnisch ingenieur. Thomas was voorzitter van het studentencorps. Hieronder een aantal unieke foto's uit de collectie van de familie Rosskopf.

Rosskopf in zijn studententijd (Polytechnische school Delft 1899)

Prachtige foto van Thomas Rosskopf, met pet en pijp, te midden van zijn studievrienden bij de Polytechnische school Delft in 1899, bron Familie Rosskopf.

Bron: Studentenweekblad Polytechnische Schoolt Delft, 1901-1902. In 1901 was hij secretaris van de studentenvereniging en een jaar later voorzitter van het studentenkorps.

Ontgroening Delft 1898 (ergens moet Thomas Rosskopf er op staan).

De ontgroening van de studenten aan de Polytechnische school te Delft. De Datering van deze foto is 1898 (stond achterop de foto's). Hierop moet dus ergens Thomas Rosskopf te zien zijn. 

 

Lees meer

Biografie professor Clarence Feldmann (1867-1941)

Professor Feldmann (1930)

Professor dr. ing. Clarence Feldmann werd op 14 januari 1867 te New-York geboren en was van Duits-Joodse afkomst. Hij ontving zijn opleiding in Duitsland. Van 1883 tot 1885 studeerde hij aan de Königlich Bayerische Industrieschule te Neurenberg, van 1885 tot 1888 aan de Technische Hogeschool te Darmstadt, waar toen een afdeling voor elektrotechniek was ingesteld. Hij behoorde daarmee tot de eerste generatie academisch geschoolde elektrotechnici. De elektrotechniek was op dat moment nog een wereld van pioniers. 

Tijdens zijn studie Elektrotechniek in Darmstadt vond de jonge Feldmann veel inspiratie bij zijn hoogleraar, Professor Erasmus Kittler. Rond 1885 was er weinig bekend over wisselstroom. De theorievorming rond de gelijkstroom was al veel verder en de algemene opinie in die tijd was dat gelijkstroom het zou gaan winnen van wisselstroom. Tijdens de studie van Feldmann schreef Kittler een prijsvraag uit om de huidige meetmethoden voor wisselstroom te onderzoeken en te verbeteren. Clarence Feldmann won deze prijsvraag. Dit zou zijn verdere loopbaan voor een belangrijk deel bepalen. In 1888 slaagde Feldmann met lof en werd hij voor een jaar lang de assistent van Kittler. 

Na zijn studie werkte Feldmann dertien jaar in elektrotechnische industrie, onder andere in Hongarije bij transformatorproducent Ganz & co in Boedapest (1889). Bij Ganz werkte hij mee aan de ontwikkeling van transformatoren, meetinstrumenten, wisselstroommachines en elektriciteitsnetten (voor verlichtingstoepassingen). In 1890 stapte Feldmann over naar Helios Aktiengesellschaft für elektrische Beleuchtung und Telegraphenbau in Duitsland. Bij Helios een producent van elektriciteitscentrales, zette Feldmann zijn werk voort in de bouw en het ontwerp van elektriciteitsnetten. Zijn industriële carrière verliep maar moeizaam, omdat hij zich erg beperkt zag in zijn mogelijkheden om zich te ontwikkelen en te experimenteren met nieuwe technologieën. Feldmann voelde zich bij Helios op een gegeven moment meer handelsreiziger dan elektrotechnicus en ging daarom het onderwijs in. In 1902 werd Feldmann privaat docent aan de Technische Hochschule in Darmstadt.

Feldmann was door zijn kennis opgedaan in de Verenigde Staten, Hongarije en Duitsland betrokken bij de aanleg van alle elektriciteitscentrales in Nederland (behalve Kinderdijk = Willem Benjamin Smit). Bron: Beeldbank Den Haag (free of copyrights).


Professor Feldmann zien we rechts achteraan - staande vierde van rechts met bolhoed en snor- bij de aanleg van elektriciteitskabels voor het G.E.B. in Den Haag (1905).

 

Lees meer

De historie van transportbedrijf Fa. Frederiks (1890 - 1982)

Fa. Frederiks was één van de eerste vaste vervoerders voor Willem Smit & Co's Transformatoren-fabriek N.V. in Nijmegen. Het moet toch een flinke omschakeling voor dit bedrijf geweest zijn om vanaf 1913 de voor die tijd enorm grote en zware transformatoren voor Smit te gaan vervoeren. Hieronder de interessante geschiedenis van dit oude Nijmeegse transportbedrijf.

Fa Frederiks transport van een Trafo van Smit (1913-1915)
Vervoer van een transformator van Willem Smit & Co's Transformatorenfabriek door vervoersbedrijf Fa. Frederiks (1913-1915) Bron: Archief Smit Transformatoren.

Bron: Weezen-Almanak, p. 50-51, Reclame Frederiks, Weekmarkten (1936) met dank aan Anne-Marie Jansen Stichting Memento Mori Wezenkerkhof Neerbosch (Nijmegen).

De voorgeschiedenis G. Westerhof, 1870 - 1890
De geschiedenis van dit transportbedrijf begint bij dhr. G. Westerhof, die een Kolenhandel en Sleperij heeft opgebouwd aan de Regulierstraat in Nijmegen tussen 1870 en 1890. Nadat G. Westerhof is overleden verkoopt zijn weduwe de zaak aan Jan Frederiks op 01-08-1890.
G. Westerhof (Gelderlander 13-10-1870)

G. Westerhof 13-10-1870 (Gelderlander)

Periode Jan Frederiks (1890 - 1913)
Fa Frederiks reclame 11-10-1932In 1894 verhuist Jan Frederiks zijn bedrijf (Sleperij en Kolenhandel) naar Waalkade 70/71. Hij is dan te bereiken onder telefoonnummer 43. In hetzelfde jaar worden de paarden van Jan Frederiks opgeroepen voor een "Rijkskeuring van Paarden voor den Militairen Dienst" Dit staat groots aangekondigd in de Gelderlander van 15-04-1894. De keuring vind plaats op een terrein tussen de Graafse straat en Bottendaal (bij het station). Jan Frederiks staat met 3 paarden van resp. 13, 11 en 10 jaar op de lijst, niet echt paarden waarmee je de oorlog kunt winnen.


Rijkskeuring van Paarden voor militaire dienst (1894)

Rijkskeuring van Paarden voor militaire dienst (1894)

Rijkskeuring van Paarden voor militaire dienst (1894)

Overname Frederiks door Jo Dijkstra (1913)
J.H.A. "Jo" Dijkstra begint zijn loopbaan bij transportbedrijf Kramer. Nadat hij daar mede firmant is geworden neemt hij in 1913 slepersbedrijf en Kolenhandel Firma Frederiks over.

Lees meer

De Goudsche Lichtfabriek - mobiel hijswerktuig met paardentractie voor vervoer en plaatsen van transformatoren (1914)

In 1914 levert Smit Transformatoren een aantal transformatoren voor de in aanbouw zijnde elektriciteitscentrale van Gouda. Vrachtauto's zijn er nog niet dus is het paard het aangewezen vervoer voor de transformatoren.  Het transport naar de centrale duurt maanden en is zeer intensief. Iedereen probeert mee te denken om de transport mogelijkheden te verbeteren, maar ook het plaatsen en hijsen van de transformator is een probleem. G.E.B. Gouda laat een hefwerktuig ontwerpen door "de Goudsche machinefabriek v/h. Arends".  Dit hefwerktuig staat op een kar en deze kan worden voortgetrokken door een paard. Voor HFL 600,-- werd deze uitvinding in 1914 aangeboden aan directeur Thomas Rosskopf van Willem Smit & Co's Transformatorenfabriek. Tijdens van de uitbreidingen bij de Goudsche Lichtfabriek werd dit mobiele hijswerktuig gebruikt voor de transformatoren van Smit en andere zware materialen/machines. 

Thomas Rosskopf (1903/1904)Een uitvinding op transportgebied  van het G.E.B. Gouda (1914). Het lijkt alsof het paard slechts 1 achterpoot heeft, maar als je inzoomt op de achterste poten zie je toch echt twee poten met 2 hoeven. Het karretje heeft overigens drie wielen. Dat maakt het geheel tot een vreemde maar unieke foto compositie.  Bron: glasnegatief Stichting Willem Smit Historie Nijmegen. 

De brief gericht aan elektriciteitspionierThomas Rosskopf . Bron: boekje Smit Transformatoren 1913-1948

Paardentractie 1914

Paardentractie in 1914. Op deze manier werden de transformatoren in die tijd vervoerd. 

Korte geschiedenis van de Goudsche Lichtfabriek.
Het begon allemaal met de gasfabriek die in 1853 werd opgericht door de firma Westerman & Robbé. In 1887 nam de gemeente de gasfabriek over en in 1910 werd besloten een elektriciteitscentrale te bouwen direct naast de gasfabriek op het terrein van het voormalige leprooshuis aan de Hoge Gouwe 189 in Gouda.

Lees meer

Bedrijfsschool Royal Smit Transformers (1951 - heden)

Van collega Paul Klein Schiphorst ontving ik onderstaand artikel uit de tachtiger jaren van de vorige eeuw toen Smit Transformatoren nog een eigen bedrijfsschool had waar interne opleidingen werden gegeven. Anno 2014 is er nog steeds een bedrijfsschool.

De opleiding van jongeren bij Smit Transformatoren begint in 1946 enige structuur te krijgen, we gingen er toen toe over om het leerlingenstelsel van Bemetel in te voeren. De ambachtsschool in Nijmegen was in de oorlog zwaar beschadigd, zodat wij tot 1948 moesten wachten voordat we de eerste leerlingen met een vooropleiding binnen kregen. Van 1946 tot 1948 hebben we noodgedwongen jongens zonder enige vooropleiding in onze werkplaatsen het vak geleerd.
Bedrijfsschool Smit Transformatoren (1983-1985)

Bron: Paul Klein Schiphorst / Gelderlander (1985 - 1986)

In 1951 zijn we begonnen om op bescheiden schaal een eigen bedrijfsschool op te richten. Deze bleek vele jaren later zo’n groot succes te worden dat we er zelfs internationale prijzen mee in de wacht sleepten. Hieronder een foto van de eerste 10 leerlingen van de bedrijfsschool van Smit. Dit waren de eerste 10 geselecteerde  leerlingen van de Ambachtschool. Het rapport gemiddelde moest over het laatste jaar gemiddeld een 7 zijn. 

eersteleerlingenbedrijfsschoolsmit1951

Bedrijfsschool Smit Transformatoren in 1951.  

 

Tussen 1951 en 1955 bevond de bedrijfsschool zich op een andere locatie, namelijk het kantoor wat vòòr 2001 het kantoor van Willem van Wely was + productieplanning van Masseling en de ruimte waar Reinout La Grouw i.C.T. de scepter zwaaide. Daarna verhuisde men naar de Groenestraat 249 in Nijmegen.

De leerlingen op de verzamelfoto zijn staand op een kistje van links naar rechts:

1 = Frits Kunst heeft na de bedrijfsschool in de kwaliteitsdienst Mech. Bew. gewekt tot ong. 1960 daarna naar Hyster gegaan heeft in Ierland en Schotland gewerkt was de laatste 10 jaar van zijn werkzaam leven Technisch Directeur Hyster Nijmegen, zijn baas was Haalmeijer. Frits is in januari 2014 overleden.

2 = Jan v.d Heuvel is verkoper geworden in de Benelux van Machines en Gereedschappen heeft jaren bij Gibas A'dam gewerkt.

3 = Willem van Wely, heeft na de Bedrijfsschool een 2 jarige opleiding gedaan bij T.N.O. Delft als Verspaningsdeskundige, daarna bij Bosboom en Hegener in A,dam een opleiding gedaan als Arbeidsanalist kwam als 20 jarige terug naar Smit, waarna hij vele leidinggevende functie's beklede is in 2001 als productieleider grote Transformatoren met pensioen gegaan, heeft er 50 jaar gewerkt.

4 = Peuki van Koolwijk klein manneke zijn vader was voorman in de kastenmakerij, is na de bedrijfsschool naar de marine gegaan heeft daar als Adelborst onder Jan Wildeboer gedient Peukie is in 1980 overleden.

5 = Harry Spanbroek leunend tegen staander is na de bedrijfsschool naar de Scheepvaartschool gegaan heeft daarna als Stuurman gevaren op de Koopvaardij tot ongeveer 1970 is daarna eigenaar geworden van een buizenfabriek op Curacao.

6 = Otto Witjes, Otto is na de Bedrijfsschool in Militaire Dienst gegaan heeft een vliegopleiding in Canberra gedaan was een van de eerste F16 piloten.

Lees meer

De tinmijnen van Banka en de eerste 33 kV transformator van Smit Transformatoren (1919)

Banka en de energievoorziening. 
In nummer 22 van “De Ingenieur” uit 1919 staat een artikel “Electriciteitsvoorziening van de tinmijnen op Banka” van ir. A. van der Ham. In deze zeer uitvoerige verhandeling wordt gewag gemaakt van een door Smit gebouwde 33 kV transformator. Een beroemde transformator omdat het de eerste van 33 kV voor Smit was en hiermee de opmaat vormde voor de eerste 50 kV transformatoren die zij mochten bouwen voor het “ultra hoogspanningsnet” van de provincie Gelderland. Wij wisten wel dat deze transformator ooit gebouwd is maar tot nu toe niet voor welke klant. Genoeg redenen om hier een artikel over te schrijven.

 
Bron: De Ingenieur 1919 

Banka-Billiton
De provincie Banka-Billiton bestaat uit de eilanden Banka (Bangka) en Billiton (Belitung), die ten oosten van Sumatra (Indonesië) liggen. De lengte bedraagt ongeveer 210 km en breedte 120 km. Sinds het begin van achttiende eeuw wordt hier tin gedolven.  In 1722 sloot de VOC een overeenkomst met de sultan van Palembang die toen de heerser was van dit gebied en de VOC kreeg zo de monopolie op het tin van Banka. China had de meeste kennis van het delven van tin en zo werden door de sultan Chinezen naar Banka gehaald en al snel kwam de hele organisatie in Chinese handen. 

Foto arbeiders in tinmijn Banka (1930) afkomstig van het Tropenmuseum, This file is licensed under the Creative Commons Attribution-Share Alike 3.0 Unported license.


Deel kaart van Nederlands Indië met daarop de locatie van de eilanden Banka en Billiton (bron de Ingenieur 1915)

Chinese mijnwerkers voeren grond af in tingroeve (mijn 3B) te Pangkalpinang te Banka (1920). Bron Rijksmuseum, Publiek domein fotograaf onbekend.

In 1819 kreeg de Nederlandse staat de tinmijnen in handen en in 1850 besloten twee Nederlandse barons om het nabij gelegen eiland  Billiton te verkennen om te kijken of daar ook bodemschatten te vinden waren net als op Banka. Zij vonden tin en vervolgens werd in 1852 de concessie aan baron Van Tuyll verleend om tin te ontginnen in Billiton. Daarna werd de Billiton Maatschappij opgericht. De Billiton Maatschappij stopte in 1958 met de tinwinning in Indonesië, en is op dat moment onder andere actief in Suriname.

Lees meer

Willem Benjamin Smit in 1888Op 19-04-2016 was het precies 130 jaar geleden dat de eerste openbare elektriciteitscentrale van Nederlands fabricaat van start ging ( de N.V. Electrische Verlichting Kinderdijk). De oprichter was Willem Benjamin Smit. Nadat Willem enkele jaren daarvoor (1881) een verlichtingsinstallatie had gebouwd voor de fabriek van Diepeveen, Lels en Smit, wilde de directeur ook elektriciteit in zijn eigen huis. Dit wekte grote belangstelling bij andere fabrikanten, want zij wilden ook hun olielampen vervangen door elektrisch licht. In 1884 werd Willem gevraagd om onderzoek te doen naar de mogelijkheden van een elektrische centrale in Kinderdijk. 

Eerste Nederlandse wisselcentrale Kinderdijk 1886

De elektrische centrale Kinderdijk (1886). Bron: Brush Ridderkerk, Deze centrale bestaat niet meer. Ergens in de zestiger jaren van de vorige eeuw is het pand gesloopt.  

Zo ontstond het idee om een elektrische centrale te bouwen die niet alleen aan fabrieken, maar ook aan particulieren stroom zou kunnen leveren. De begroting kwam uit op HFL 26000,- en het kapitaal werd verstrekt door Jan Smit V die we later tegen komen. Hij verstrekte een lening tegen 3.5 % rente en de eerste elektriciteitscentrale in Nederland, de "N.V. Electrische Verlichting Kinderdijk" was een feit.

Naar de elektrische centrale van Thomas Edison
In 1884 ging Willem met een door hem zelf (elektrisch) verlicht schip van de Holland-Amerika lijn naar de Verenigde Staten (New York) om daar de eerste elektrische centrale van Thomas Edison ( The Edison Electric lluminating Company) te kunnen aanschouwen die al in 1882 "het licht" zag. De ervaringen die hij daar opdeed paste hij toe bij de centrale in Kinderdijk.

1882 Edison 640px-Thomas Edison2
Links:  The Edison Electric lluminating Company, rechts:  Thomas Edison (Bron: Wikipedia).

Edison2
Deel van het logo van de eerste elektriciteitscentrale ter wereld. Bron: Wikepedia, Flickr.  

Locatie
Men kiest een stuk terrein aan de waterkant, achter de kopergieterij van J & K Smit's scheepswerven te Kinderdijk, op de grens van de gemeenten Nieuw Lekkerland en Alblasserdam. De centrale komt dan ongeveer in het midden te staan van de aan te sluiten huizen en fabrieken. De ligging is ook praktisch - aan de waterkant - waardoor men zoet water voor de stoomketel en koelwater bij de hand heeft. Begin 1886 wordt begonnen met de bouw van de elektrische centrale in Kinderdijk. Het is een klein stenen gebouw van 6.5 bij 11 meter met een gebogen golfplaten dak en een 15 meter hoge schoorsteen.  De centrale werd gebouwd op een oude rivierbedding die zo  nat en drassig was dat 3 vijftien-meter lange houten heipalen op elkaar geheid moesten worden om een vast fundament te krijgen. Op deze ondergrond werd een stoomketel geplaatst en een stoommachine van 80 P.K.

Start bouw fabriek Kinderdijk 18-02-1886 Willem Benamin Smit 

Gorinchems dagblad 18-02-1886                                Willem Benjamin Smit (1860-1950)

Start elektrische centrale Kinderdijk (1886)
De "N.V. Electrische verlichting Kinderdijk" wordt officieel opgericht door Willem Benjamin Smit op 12 december 1885. Folkert Hessel Lels ,familie uit Alblasserdam wordt als snel naar voren geschoven als directeur. Willem Smit levert twee gelijkstroomdynamo's van elk 7,5 kW.(110 Volt) en de elektrische installatie (schakelborden enz.). Verder legt hij de lichtpunten en de leidingen naar de huizen en fabrieken. De stoomketel wordt geleverd door Machinefabriek Diepeveen, Lels en Smit evenals de stoommachine van 80 pk. Deze liggende compound stoommachine - voorzien van twee vliegwielen - drijft met lederen drijfriemen de beide dynamo's aan, elk met een capaciteit van ongeveer 7,5 K.W. gelijkstroom. De stoommachine draait dagelijks van 12:00 tot 22:00 uur en dan wordt tevens een accubatterij opgeladen, waarvan stroom kan worden afgenomen als men dit nodig heeft buiten de uren dat de stoommachine actief is. 

Eerste Nederlandse wisselcentrale Kinderdijk 1886   

De oprichting van de elektrische centrale in Kinderdijk, bron: de Ingenieur 23-01-1886

De oprichting van de elektriciteitscentrale "Kinderdijk", bron: "Nederlandsche Staatscourant" 15-1-1886.

De centrale begint op 19-04-1886 met ongeveer 350 aansluitingen, waarbij iedere lamp als een aansluiting werd geteld. De aansluitingen werden ondergronds aangelegd. Eind 1886 werden ook nog 21 straat-lantaarns voorzien van elektrisch licht. Kinderdijk leverde licht volgens een soort vastrecht calculatie, waarbij iedere abonnee per lichtpunt (hier dus per lamp die door de centrale geleverd werd) tussen de 12 en 15 gulden per jaar betaalde. In 1912 had de centrale 936 aansluitingen.

 

Een unieke luchtfoto waarop de elektriciteitscentrale van Kinderdijk te zien is achter de smederij van L. Smit & Zoon. Bron: Historische Vereniging West-Alblasserwaard, met dank aan dhr. Jansen, secretaris H.V.W.A.

Unieke familiefoto met achterin beide met bolhoed Adriaan Pot en rechts daarnaast Willem Benjamin Smit. Bron: Archief Dordrecht/ familie Smit (Kinderdijk). Datering rond 1920-1930.

Machinist-elektricien / stoker 
De centrale had 1 machinist en 1 stoker in dienst. De machinist en de stoker waren de belangrijkste mannen van de elektrische centrale. Ze hadden samen de taak om de centrale draaiende te houden. Leidingen en lichtpunten werden door hen aangelegd en onderhoud was ook voor hun rekening. De machinist die werkzaam was in de elektrische centrale Kinderdijk was dhr. van den Berg. Heeft iemand daar een foto van ??

Lantaarnopsteker 

Voordat de elektrische centrale werd opgericht had men in Kinderdijk een lantaarnopsteker in dienst. Hij werd aangesteld door de gemeente om in de avond de straatlantaarns - die in die tijd vaak nog op petroleum of gas werkten - aan te steken. Dit was een dagelijks ritueel.  

Sluis op de Dam (Kinderdijk) met links  een lantaarnpaal, die werd verlicht door middel van petroleum (1910).

In die tijd (1910) zijn de he­ren Van Wijnen en Erkelens als lantaarnopstekers in dienst van de gemeente Nieuw Lekkerland. Erkelens nam de lantaarns op Dam, Kerkstraat, Polderstraat en Hoogendijk voor zijn rekening, van Wijnen liep vanaf de Dam, heel Cortgene, Oost- en West-Kinderdijk uit tot aan het kantoorge­bouw van Kloos Kinderdijk NV. Niet alleen omdat daar ongeveer de grens van Alblasserdams grondgebied ligt, nee, maar ter plaatse begon elektrische straatverlichting. Een straatverlichting die ongeveer ophield bij het post­kantoor in de Kinderdijk. Onderaan de machinefabriek van voorheen J. & K. Smit stond de centrale Kinderdijk, die zorgde voor licht langs de dijk en in huis voor de directieleden van Kloos en L. en J. & K. Smit. Machinist was de heer Van den Berg.

Lantaarnopsteker Van Wijnen begon zijn lantaarns aan te steken bij de vroegere scheepswerf van Jonker. Daartoe werd gebruik gemaakt van een laddertje, met een inkeping in de bovenste sport om glijden te voorkomen. Een van de raampjes van de zeskantige lantaarn werd geopend en met een lucifer werd licht gemaakt. He was oppassen dat de pit niet begon te roken en dan vlug het raampje dicht om doven van het lichtpuntje (meer was het niet) te voorkomen.

Met een beetje wind lukte dat niet altijd even goed. Vooral als het wat hard waaide kon het gebeuren, dat men weer de ladder op moest omdat de wind onder de kap van de lantaarn was geslagen. Zo zakte men dan de Kinderdijk af tot men op de Dam uitkwam. Behalve lantaarnopsteker, waren de heren Erkelens en Van Wijnen ook nachtwaker en moest men om het uur de tijd afroepen, bijvoorbeeld "10 heit de klok, 10 uur", waarna twee slagen met de klepper wer­den gegeven. Deze nachtdienst duurde van 10 tot 4 uur, in tegenstelling tot de dag politie, toentertijd gevormd door de agenten Praag en Zwart en later Kaat en Leuhof.

Het tijdstip van aansteken hing af van het jaargetijde en maanstand, 's Zomers brandden geen lantaarns, omdat de zon toch laat onderging en in de andere jaargetijden was het criterium of het volle maan was of niet. In het eerste geval was het niet nodig om de lantaarns aan te steken, in de andere gevallen van wassende maan, eer­ste en laatste kwartier wel. Dat kon in de wintermaan­den reeds in de late middaguren het geval zijn. Niet alleen aansteken, maar ook het uitblazen van de petroleumlichtjes behoorde tot de taak van deze mensen in gemeentedienst. Om 10 uur 's avonds werd begonnen - daar waar men de ladder het laatst had gebruikt - voor het aansteken en in omgekeerde richting werden de lantaarnpalen weer met een bezoek vereerd. Het uit­blazen gebeurde met een koperen blaaspijpje van on­geveer 40 cm lang dat door de opening in de kop van de lantaarn gestoken werd. Eenmaal per week werden de lantaarns onder handen genomen, werd koper gepoetst, de pitten en raampjes schoongemaakt en de tank met petroleum bijgevuld. Dit waren tijdrovende werkzaamheden die weinig geld in het laatje brachten. Daarom werkte men de resterende uren van de dag ook nog voor andere bedrijven of particulieren.

De opa van de secretaris van de Historische Vereniging West-Alblasserwaard - Willem Jansen - was ook lantaarnopsteker. Hij was waarschijnlijk de opvolger van boven genoemde heren van Wijnen en Erkelens, want hij begon in 1913 als lantaarnopsteker. Of hij ook de koolspitsen in de elektrische straatlampen heeft vervangen weten we niet, maar dat zou heel goed mogelijk geweest zijn aangezien men in die tijd oude petroleum en elektrische lampen door elkaar gebruikte in Kinderdijk. Met de komst van elektrisch licht verdween de lantaarnopsteker langzaam uit het straatbeeld van Kinderdijk en Krimpen aan de Lek. Machinist, stoker en lantaarnopsteker zijn vandaag de dag uitgestorven beroepen, maar in die tijd waren zij de belangrijkste medewerkers van een elektrische centrale en voor verlichting in de avond en nacht.

Bron: Historische Vereniging West-Alblasserwaard, akte van aanstelling, ontvangen van Theo Jansen.

Gloeilampen 
De lampen werden door de Centrale geleverd. Abonnees betaalden per "lichtpunt"dus per lamp 12 tot 15 gulden per jaar. Willem Smit bestelde lampen van het merk "Edison" bij een vertegenwoordiger in Antwerpen voor een bedrag van HFL 2,50 (een flink bedrag in die tijd) en andere lampen van het merk Swan importeerde men uit Engeland. Beide lampen. Omdat er wat problemen waren met spanningsverlies werden dicht bij de Centrale Swan lampen gebruikt (110 Volt) en verder weg Edison lampen (108 Volt - 100 Volt). 

Een Edison en een Swan gloeilamp uit 1884 Edison gloeilamp uit 1884

Links, 2 Edison gloeilampen en rechts 2 Swan gloeilampen uit het jaar 1884.

Huiscentrale
Wanneer particulieren elektrisch licht afnamen van de elektrische centrale Kinderdijk (12 tot 15 gulden per jaar vastrecht) werd de huiscentrale gratis aangelegd maar bleef deze eigendom van de centrale, evenals de voor die tijd dure gloeilampen (type Edison en Swan) die door Willem Smit werden ingekocht in België en Engeland. Opgebrande exemplaren kon men inleveren bij de machinist van de centrale en die verving ze dan door nieuwe. 

Elektrische installatie voor een villa in Slikkerveer (1880-1890)   

Unieke foto van een zeer vroege elektrische verlichtingsinstallatie (huiscentrale) in een villa in Slikkerveer, aangelegd door Willem Benjamin Smit tussen 1880 en 1890. Op de foto zien we een schakelbord met installatie. Een soortgelijke installatie werd dus geplaatst in de villa van de directeur van firma Diepeveen, Lels en Smit.  Foto: Archief Brush HMA Ridderkerk.

Jan Smit V en de lift
De verlichting was stabiel, ondanks spanningsverlies, maar toen een zekere heer Jan Smit (niet de zanger) op het idee kwam om een elektrische lift in zijn huis te plaatsen. Jan Smit V was slecht ter been en dit was voor hem een uitkomst. Hij kon nu zonder de trap te gebruiken bij zijn bed op de eerste verdieping komen. Maar het elektriciteitsnet werd zodanig belast dat van Alblasserdam tot Nieuw Lekkerland de lampen half gedoofd werden op het moment dat hij zijn liftmotor activeerde en naar bed ging.  Ondanks alle gebreken en moeilijkheden waren de abonnees zeer tevreden met het elektrische licht.

 

De villa van Jan Smit, directeur van L. Smit & Zoon's scheeps- en werktuigbouw was aangesloten op de elektrische centrale van Kinderdijk en had de bewuste elektrische lift in zijn villa gebouwd die zorgde voor de stroom-dip wanneer hij naar bed ging en de lift aanzette. Jan Smit erfde de scheepswerf van zijn oom Leendert (opvolger van Fop Smit) en was in 1 klap schatrijk. (Hij werd Jan V genoemd). Deze Jan was diegene die de opdracht aan Willem gaf om de elektrische centrale Kinderdijk te gaan bouwen. Bron: Historische vereniging West Alblasserwaard.

 

Links, Jan Smit V voor zijn huis, rechts een portret van Jan Smit V, financier van de elektrische centrale Kinderdijk en de man van de lift... (1837-1911). Bron: Historische Vereniging West-Alblasserwaard.

Verlichting in de fabriek
De meeste fabrieken in Kinderdijk werden voorzien van elektrische verlichting door Willem Smit. Hieronder een mooi voorbeeld van de fabriek van Diepeveen, Lels en Smit, waar we een aantal booglampen zien van het eerste uur. In de fabriek was een gloeilamp toen nog geen optie. Men had veel licht nodig in de hoge gebouwen en een booglamp was uitermate geschikt voor sterke / felle verlichting in en rondom fabrieken. Dubbelklik op de foto om deze in detail te bekijken. Let ook op de primitieve opstelling, loshangende kabels en drijfriemen bij de machines, een unieke foto !

 

Een unieke foto van de fabriek van Lels Smit & Diepeveen met een zestal van de eerste booglampen van Willem Smit aangesloten met elektriciteit van de centrale in Kinderdijk. Deze 6 booglampen lijken geschakeld te zijn net als de straatverlichting in Nijmegen in 1886). Verder zien we veel draaibanken met centrale aandrijving wat in die tijd gebruikelijk was in de fabrieken. Datering 1881-1888. Bron: Historische Vereniging West-Alblasserwaard.

Een van de oudste foto's van een booglamp fabricaat Willem Smit (1880-1885)  

Een hang(boog)lamp van Willem Smit zoals deze werden geplaatst in fabriekshallen en huizen. Dit is de oudste foto van een booglamp, gemaakt door Willem Smit, die wij tot nu toe hebben kunnen vinden. (datering: 1880-1885). Bron: Brush Ridderkerk, fotonummer 13 

Stoommachine gemaakt in de fabriek van Lels, Smit & Diepeveen met op de achtergrond 2 booglampen aangelegd door Willem Smit. (1881-1888).  

Weer een stoommachine gemaakt in de fabriek van Lels, Smit & Diepeveen met op de achtergrond rechts 1 booglamp aangelegd door Willem Smit. (1881-1888). 

Een zeer primitieve opstelling van flinke booglamp bij een schuur bij L. Smit & Zoon in Kinderdijk Linksachter in beeld nog een booglamp. Dit is 1 van de gebouwen / fabrieksterreinen die op de eerste elektrische centrale waren aangesloten. Datering 1886 - 1900, Bron: Archief Dordrecht.

Hier zien we een schakelinrichting van Smit Slikkerveer voor de firma Kloos, die ook materialen bevat van Siemens. Rechtsboven zien we een metalen bordje van "Electrotechnische Industrie". Dat is de benaming van Smit Slikkerveer vanaf 1896. De vier zwarte blokjes met 750 Volt/1000 ampère en 750 Volt/225 ampère zijn voorzien van het logo van Siemens (twee keer een S door elkaar heen). Ook de ampère meters zijn van Siemens. Smit gebruikte dus ook onderdelen van andere fabrikanten in zijn zelf gemaakt schakelbord.

Ook de firma Kloos te Kinderdijk was een van de afnemers van elektrisch licht van de centrale Kinderdijk.

Nog 2 unieke foto's van de fabriek van Diepeveen, Lels & Smit met booglampen van Willem Benjamin Smit. Datering 1881-1888. Klik op de foto's om te vergroten. Bron: Historische Vereniging West-Alblasserwaard.

Elektrische verlichting op het terrein bij L.Smit & Zoon. Een booglamp bij de sleephelling. (1886-1900).

 

Een booglamp op het terrein van L. Smit & Zoon bij de sleephelling (1886-1900).

Een fabriekshal van L. Smit & Zoon verlicht met gloeilampen van iets latere datum (1900-1910).

Deze foto is gemaakt in Kinderdijk rond de eerste Wereldoorlog aan de soldatenkleding te zien (1914-1915). Links op dit tafereel zien we een elektrische lantaarn aangesloten op de eerste centrale in Kinderdijk.

 

Op 5 maart 1906 bezocht het Koninklijk huis (Koningin Wilhelmina en Prins Hendrik) de scheepswerven van L. Smit & Zoon. Op de foto rechts zien we ook een elektrische booglamp in het gebouw bij de fabriek van L.Smit & Zoon. waar het Koninklijk paar juist de fabriek verlaat. 

De elektrische centrale

De elektrische centrale Molenstraat 12 te Kinderdijk in 1886 (detail). Bron: Historische Vereniging West-Alblasserwaard.

  

2 unieke foto's van het kantoorgebouw van L. Smit en zoon, gebouwd in 1904. De foto is van voor de verbouwing in 1948 Verder zien we de woning Molenstraat 22, de woning van de doktoren die naast huisarts ook bedrijfsarts waren. Het laatste gebouw is de smederij van L. Smit met in de achtertuin stond de elektrische centrale Kinderdijk. Bron: Historische Vereniging West-Alblasserwaard. 

De machines
In Kinderdijk gebruikte men dus  een stoommachine van 80 pk. = 59 kW om 2 x 7,5 kW= 15 kW elektrisch vermogen op te wekken. Waar blijven die andere 44 kW dan zouden we ons kunnen afvragen ? " Het was in die tijd gebruikelijk om het vermogen van de stoommachine beduidend groter te kiezen dan dat van de dynamo. Hiermee werden toerental schommelingen (veroorzakers van hinderlijke spanningsfluctuaties) als gevolg van kortstondige belasting variaties vermeden"

Ontwerp elektrische inrichting voor 350 gloeilampen voor de centrale Kinderdijk.

Om een beeld te geven hoe bovenstaande opstelling eruit gezien moet hebben in Kinderdijk zal deze veel geleken hebben op de opstelling in Nijmegen. (zie foto hieronder). De foto is gemaakt in 1893 tijdens de uitbreiding van eerste elektrische centrale in Nijmegen voor de straatverlichting door Willem Smit. 

Eerste Electrische centrale Nijmegen 1893

Een liggende compound stoommachine - voorzien van 2 vliegwielen, die met lederen drijfriemen 2 dynamo's aandrijft. (Nijmegen 1893)

Schema liggende compound stoommachine, bron: www.machinemuseum.nl 

Opstellingsplan ketels en machines voor de centrale in Kinderdijk. 

De 2 generatoren van Kinderdijk (1886) 

De 2 generatoren van Willem Smit voor zijn elektrische centrale in Kinderdijk (1886)

 

Beide generatoren anno 2016 in het bedrijfsmuseum van Brush HMA Ridderkerk.  

 

Brief 1891

Brief uit 1891 

Aansluitingen 1886 - 1912 

Een overzicht van de aansluitingen op de centrale in Kinderdijk tussen 1886 - 1912.

Krimpen aan de Lek werd ook aangesloten op de centrale (1890)
In Krimpen aan de Lek toonde men ook veel belangstelling voor elektrisch licht. Vooral de scheepswerf J & K Smit wilde graag zijn werf verlichten met elektrisch licht. Ondertussen is de firma Willem Smit & Co zover gevorderd, dat zij een wisselstroom-systeem kan leveren; een 6 kilowatt wisselstroommachine die stroom levert met een spanning van 650 volt. Nadat men enkele maanden daarvoor had getracht de elektrische energie te distribueren over een reeds bestaande lange telefoonlijn, een poging die door de hoge weerstand en geringe belastbaarheid van de draad mislukte, werd Krimpen aan de Lek in 1890 ook aangesloten op de centrale van Kinderdijk. Daarvoor werd in het centraal station van Krimpen aan de Lek een extra dynamo ingezet.  Een bovengrondse leiding van 1,5 km en een concentrische kabel van 300 meter door de rivier de Lek zorgden voor het transport. 

In 1916 was er watersnood in Kinderdijk. Op deze uniek foto genomen vanaf de werf J & K Smit zien we de kabels die afkomstig zijn van de elektrische centrale Kinderdijk . Deze gaan naar "de punt" en vervolgens naar Krimpen aan de lek gaan. Wie heeft een duidelijkere foto ?? Bron: Historische Vereniging West Alblasserwaard.

Het tracé van de nieuwe kabel was als volgt: Eerst liep de stroomkabel enkele tientallen meters langs de boezem, richting Elshout. Ter hoogte van het kolenpad ging het dwars door de dijk langs de 'pelhuizen'. Vervolgens langs het kaatje, dat de scheiding vormde tussen het terrein van L.Smit en J .& K.Smit. Oostelijk van de beide veerhoofden ging de kabel dan de Lek in. Aangekomen in Krimpen a .d.Lek bleek de kabel drie meter te kort te zijn. Zonder toestemming van houthandel Boogaerdt (mevrouw Boogaerdt-Smit was een nicht van Willem Smit) liet Willem de tuin opgraven om de kabel aan te kunnen sluiten, wat niet in goede aarde viel.

Voor Krimpen aan de Lek leverde Willem Smit een 6 K.W. wisselstroommachine die een stroom leverde van 650 Volt en hij leverde ook een viertal luchtgekoelde transformatoren, die de spanning van 650 volt reduceerden tot 65 volt. Deze vier transformatoren 650 / 65 V. waren waarschijnlijk de eerste distributie transformatoren die in Nederland als zodanig werden toegepast. Ook het noodzakelijk gebruik van wisselspanning was een unicum. 

De vraag is nu of deze transformatoren door Willem Smit zijn gemaakt of dat hij ze heeft ingekocht. Wij denken dat hij deze transformatoren in 1890 zelf gemaakt heeft maar weten dit niet zeker. Als dat klopt heeft hij 10 jaar eerder transformatoren gemaakt dan wij dachten. Mocht iemand dit weten graag contact opnemen met Rudo Hermsen, mobiel: 06 19009274

Op 6 september 1890 krijgt Krimpen zijn eerste stroom voor 15 straatlantaarns en voor 25 percelen met in totaal 95 lampen van 40 Watt. (Bron: Historische Vereniging West-Alblasserwaard).

In 1890 werd Krimpen aan de Lek aangesloten op de centrale in Kinderdijk

In 1890 werd Krimpen aan de Lek aangesloten op de centrale in Kinderdijk 

 

In 1896 bestond de elektrische centrale in Kinderdijk 10 jaar, bron: 6-6-1896, De Ingenieur 

7-1-1911, De Ingenieur

Een van de 2 generatoren van Kinderdijk (1886)  

Originele generator Kinderdijk. Deze is te vinden in de oudheidskamer in de fabriek van Brush in Ridderkerk.  

Bron: De ontwikkeling van de elektriciteit tot het jaar 1926 (Van Swaaij).

Uitbreidingen
Het aantal aansluitingen op de centrale breidde zich uit en in 1908 branden in Kinderdijk 512 lampen en in Krimpen aan de Lek 216. Hierdoor werd de centrale overbelast en dus moest er uitbreiding komen. Dit vond men in het achterste deel van de kopergieterij. Daar wordt een reserve-stoomketel geplaatst maar de mogelijkheden blijven beperkt. Gevolg is dat 2 andere fabrieken ook een eigen elektriciteitscentrale gaan aanleggen (N.V. Kloos & Zonen en J & K Smit in Kinderdijk).

In het midden de kopergieterij van L. Smit & Zoon, waar de uitbreiding voor de elektrische centrale werd geplaatst. (Molenstraat 12 Kinderdijk) Bron: Historische Vereniging West-Alblasserwaard.

Schoonhovense Courant, 22-03-1890, bron: Historische Vereniging Crempene. 

 

Willem Smit en Adriaan Pot ?? 1893  

Willem Benjamin Smit en Adriaan Pot in de stationshal van station Nijmegen tijdens uitbreidingen van elektrische verlichting (1893). Bron: Stichting Willem Smit Historie.

Winst & Verlies rekening NV Electrische centrale Kinderdijk (1914).

De sluiting van de centrale
In 1910 begint aan Dordrecht met een geregelde stroomlevering. De centrale heeft een vermogen van 1200 kilowatt. Ook in het gebied rondom Dordrecht bestaat veel belangstelling voor aansluiting op het Dordtse elektriciteitsnet. Zwijndrecht is de eerste gemeente die aangesloten wordt. In 1915 worden de stroomleveranties overgenomen door het Gemeentelijk Elektriciteitsbedrijf te Dordrecht, zodat de stroomlevering vanuit Dordrecht plaats vind en de elektrische centrale in Kinderdijk moet dan(na 29 jaar) het veld ruimen. Dan volgt de liquidatie en de machine installaties worden weggevoerd en leidingen gesloopt zodat deze niet meer gebruikt kunnen worden. Het gebouw wordt eigendom van L. Smit & Zoon en blijft nog jaren staan totdat het in 1964 gesloopt wordt door mensen met weinig gevoel voor historie. Dit gebouw had vanzelfsprekend een museum moeten worden !

Opheffing NV Elektrische centrale Kinderdijk in 1915

In 1917 schreef Jan Lels een artikel in de Ingenieur over de liquidatie van de oudste centrale van Nederland in Kinderdijk. De scan is niet erg duidelijk, maar volgens mij nog redelijk leesbaar.

NRC-04-04-1917

Op 04-04-1917 lezen we in het NRC dat de complete installatie van de voormalige elektrische centrale Kinderdijk te koop staat. Bron: NRC (het artikel werd mij toegestuurd door Jan Weeda, waarvoor nog mijn dank). 

20 september 1975 onthult professor dr. I . Popkov, voorzitter van het International Electrotechnical Comité (I.E.C.) een gedenkplaat die herinnert aan de eerste Nederlandse elektriciteitscentrale in Kinderdijk. De gedenkplaat is aangebracht tegen de gevel van de voormalige kopergieterij te Kinderdijk, thans het informatiecentrum van I.H.C. Smit. 

Systeem de Kothinsky / Kinderdijk
khotinskyNu zijn er natuurlijk altijd mensen die zeggen dat Kinderdijk niet de eerste centrale in Nederland is, want Achilles de Khothinsky uit Rusland had al in 1884 een proefproject met een kleine werkende installatie in Rotterdam neergezet (Systeem de Khotinsky). De Khotinsky fabriceerde de eerste gloeilamp in Nederland en was zeker de eerste met een elektrische centrale, maar beschikte echter niet over een compleet distributie systeem. Het systeem werkte met accumulatoren en hij moest zijn accu's elders opladen en over het water, de Maas, transporteren naar een centraal punt dicht bij de verbruikers. Verder leverde hij niet aan particulieren en was het geen Nederlands fabricaat.

Kinderdijk distribueerde direct van de dynamo naar de verbruiker door middel van ononderbroken elektrische geleidingen. Daarom mag Kinderdijk zeker worden aangemerkt als de eerste openbare Nederlandse elektriciteitscentrale. 

Dit zijn de 2 originele generatoren van Kinderdijk en te vinden in de oudheidskamer in de fabriek van Brush in Ridderkerk., foto Kees Tym. 

  

Een overzichtsfoto van na 1964 toen de elektrische centrale al was gesloopt. Bron: Historische Vereniging West-Alblasserwaard.

Een mooie luchtfoto van Kinderdijk anno nu. Op beide foto's is mooi aangegeven waar de elektrische centrale ooit stond. Bron: Theo Jansen, Historische Vereniging West-Alblasserwaard. Dubbelklik op de foto's om in detail te vergroten

In 2011 besteedde de NOS aandacht aan 125 jaar elektriciteit in hun journaal en op internet evenals RTV Rijnmond. Een replica van de eerste elektriciteitscentrale is te bezichtigen in het Elektriciteitsmuseum in Hoenderlo.
http://www.electriciteitsmuseum.nl/

Wanneer iemand nog fotomateriaal of documentatie heeft van de eerste elektrische centrale in Kinderdijk graag contact opnemen met Rudo Hermsen mobiel: 06 19009274.
Wij zoeken nog: 

  • Foto's van het interieur van de fabriek (nog niets gevonden)
  • Foto's van de fabriek, andere dan in dit artikel.
  • foto's machinist dhr. van den Berg of andere machinisten die hier gewerkt hebben.
  • Foto's van de stokers van de centrale
  • Foto's van medewerkers van de centrale

Bron: De eerste elektriciteitscentrales in Nederland " J. Hoek ,Historische Vereniging West-Alblasserwaard, Historische Vereniging Crempene, Holec Historisch Genootschap, Archief Brush HMA Ridderkerk, Stichting Willem Smit Historie, diverse kranten . Tekst: Rudo Hermsen/ Erik de Vries.


Bron: Pixabay (free of copyrights).

Reacties mogelijk gemaakt door CComment

Historische nieuwsflits

Foto wikkelarij Smit Transformatoren (1970)

Onderstaande prachtige foto ontvingen wij van dhr. G. van Laanen. (klik op de foto om te vergroten).

Wikkelarij Smit Trafo 1970

Bron: G. van Laanen (Smit Transformatoren).

Schrijf reactie (0 Reacties)

Poging tot Inbraak bij Professor Nolen (29-06-1932)

Prof. Ir. Dr. H. G. Nolen 1937Hieronder een krantenartikel dat ik vond in de Eemlander Courant uit 1932. Er werd er een poging tot inbraak gedaan in het huis van Professor Nolen, op dat moment de directeur van Willem Smit & Co's Transformatorenfabriek.  Nu had Nolen in die tijd al een alarmsysteem in zijn huis( !) en dat systeem bemerkte direct de inbrekers. Na een telefoontje "ving" de veldwachter samen met 2 agenten de Duitse inbrekers.

Volgens zijn zoon W.G. Nolen had de "carabijnbrigade" van 2 man nog een probleem omdat de politiehond tijdens de actie met de staart tussen de benen wegliep naar huis. Professor Nolen kreeg van de politie nog een gratis pistool vergunning aangeboden, wat hij overigens weigerde. Professor Nolen was overigens de opa van de bekende historicus Maarten van Rossum.

Inbrekers gepakt bij Prof. Nolen (29-06-1932)

Bron: Eemlander Courant 29-06-1932.

Schrijf reactie (0 Reacties)

Bedrijfsfilm videobox

Cloud tag

Laatste artikelen

Laatste reacties

      LEES MEER

Wie is online

We hebben 327 gasten en geen leden online

Statistieken

Aantal bekeken pagina's
6820755
DMC Firewall is a Joomla Security extension!